Depressies komen veel voor in ons land. Een depressie is een stemmingsstoornis die samengaat met een verlies van levenslust en activiteit, vaak met grote gevolgen voor degene die aan de depressie leidt. De oorzaak van de depressie is nog steeds niet volledig bekend, wel is ondertussen duidelijk geworden dat de stofwisseling van ons brein hierbij een belangrijke rol speelt. In dit artikel lees je de laatste stand van zaken m.b.t. serotonine en de rol die deze neurotransmitter lijkt te spelen bij depressies.
Serotonine is één van de meest belichte stofjes m.b.t. depressies. Waarden van serotonine in ons brein hangen dan ook samen met rust, positiviteit, zelfvertrouwen en een algeheel 'verzadigd' gevoel. Het is dan ook geen wonder dat bekende antidepressiva (Prozac, Seroxat, Zoloft etc.) dit stofje meer (langer) beschikbaar maken in ons brein. Wetenschappers zijn hier bij toeval achter gekomen; toen artsen in de jaren vijftig een nieuw middel (Iproniazid) probeerden bij TBC-patiënten bleek dat de patiënten stukken vrolijker werden. De werkzame stof bleek serotonine.
Ondertussen is het idee dat serotonine alléén het probleem oplost achterhaald. Zo werken antidepressiva niet bij iedereen, creëert medicatie vaak ook afhankelijkheid (en dus controleverlies) en zijn daadwerkelijke metingen van serotonine in ons brein erg zeldzaam. Zulk soort onderzoek is nog steeds erg kostbaar en moeilijk uit te voeren. De laatste jaren zijn er bovendien onderzoeken gepubliceerd waar de link tussen serotonine en geluk überhaupt in twijfel wordt getrokken. Het lijkt waarschijnlijk dat serotonine verschillende functies heeft in verschillende hersengebieden en dat de balans tussen de neurotransmitters uiteindelijk meer van belang is dan de absolute waarden van serotonine. Het zit dus een stuk complexer in elkaar dan tot nu toe werd gedacht. Wordt vervolgd.
Geschreven door: Rens ter Weijde